English Nederlands Francais Deutch

Nieuws

Boetprocessie zondag 31 juli om 15.30 u.
25/06/2011

 

 

DE BOETPROCESSIE van VEURNE GAAT DIT JAAR UIT OP

ZONDAG 31 JULI om 15.30 u.

in aanwezigheid van Mgr. De Kesel, bisschop van Brugge, en abt E. De Sutter, prelaat van de Norbertijnerabdij van Grimbergen.

 

 

  • 10 u. Plechtige Eucharistieviering in de St. Niklaaskerk, Mgr. De Kesel, bisschop van Brugge, en abt E. De Sutter van Grimbergen gaan voor in de viering. De plechtigheid wordt opgeluisterd door het Sint-Niklaaskoor.

 

  • 11 u. Na de Eucharistieviering wordt het Calvariekruis van de Sodaliteit in stoet overgebracht naar de St. Walburgakerk.

 

  • 15.30 u. BOETPROCESSIE in de binnenstad met aansluitende slotplechtigheid in de St.-Niklaaskerk.

 


Het loont beslist de moeite om op 31 juli te Veurne te zijn.

Winnaars workshop erfgoededucatie
17/06/2011

In het kader van de publieksontsluiting van het plaatselijk waardevol erfgoed brachten leerlingen uit het basisonderwijs een bezoek aan het erfgoed van de Boetprocessie.
Tijdens een workshop konden de verschillende klassen hun creatieve talenten uitleven.
De meest creatieve klas werd beloond met een leuke prijs.
De gelukkigen zijn de leerlingen van het vierde leerjaar van het Annuntiata-instituut.
Zij mogen het vierde leerjaar afsluiten met een ritje met de go-cart op de dijk van De Panne.
Het wordt voor hen zeker een leuke afsluiter van het schooljaar.

Proficiat aan de klas van juffrouw Mieke



http://archief.boetprocessie.be/#10

Fotomateriaal Vastenkruisweg 2011
19/05/2011

Voor het volledige album, klik op één van bovenstaande foto's!

Inbinding Passiezondag 10 april 2011
01/05/2011

 

Op Passiezondag 10 april 2011 werden 4 nieuwe 'sodales' toegelaten in de
'Sodaliteit van de Gekruyste Zaligmaker'. Volgens een eeuwenoud ritueel
werden de nieuwe leden aan het relikwiekruis van de Sodaliteit 'gebonden'.



Inbinding 10 april 2011

Erfgoed educatie
24/03/2011

Erfgoed Educatie

In het kader van erfgoededucatie organiseerde de Sodaliteit voor de leerlingen van de 2e graad van het basisonderwijs enkele workshops. De leerlingen leerden er niet alleen het waardevol erfgoed van de Boetprocessie kennen, maar ook waarom we dit erfgoed voor het nageslacht moeten bewaren en hoe we dit kunnen doen.
De leerlingen keken niet alleen met grote ogen naar de gerestaureerde beelden van de Boetprocessie, maar tijdens de workshops konden ze met verf, kleur en boetseerklei op een eigen creatieve manier de ‘staties’ van de boetprocessie restaureren.

 

Foto's

Nieuwsbrief 1 - 2011
22/02/2011

 

 

De St.-Niklaasabdij van Veurne

 

de bevolking is nogal ruig van aard. Het is de tijd van de moord op graaf Karel de Goede, waar  Veurnaars nauw bij betrokken zijn.

 
Miniatuur die de moord op Karel de Goede voorstelt. (1127)
 
De derde abt wordt geroepen uit Grimbergen. Intussen heeft de faam van de jonge orde van Prémontré ook Veurne bereikt. Godfried wordt de eerste norbertijnerabt en Grimbergen de moederabdij van Sint-Niklaas.
 
Voormalige abdij van Grimbergen
 
We schrijven 1135. Twintig jaar later telt de nieuwe stichting zeker 32 kanunniken.
 
In 1170 is voor prelaat Hugo de maat vol. Omwille van de drukte en het rumoer van de stad verhuist hij zijn klooster buiten de nieuwe stadsversterkingen. De eerste abdijkerk echter blijft parochiekerk voor de steeds in aantal toenemende bevolking.
 
Sodalis André Debruyne informeert ons in deze nieuwsbrief over de relatie tussen de voormalige Sint-Niklaasabdij en de Sodaliteit.
 
In of kort vóór het jaar 1120 ontstaat een scheuring in het grafelijk kapittel van Sint-Walbruga te Veurne. Een aantal kanunniken laat proost Fromold en deken Reinlof in de steek en trekt de stad uit om een eigen gemeenschap te stichten. Stad is een groot woord die enkel bestaat uit de Burg met de grafelijke versterking, de kapittelkerk en een weliswaar snel aangroeiend aantal huizen.
 
Op de plaats waar nu de parochiekerk van St.-Niklaas staat, richt Niklaas, de eerste abt, zijn klooster in. De St.-Niklaasabdij is van buitenwereld langs  alle kanten afgescheiden door water.
 
 
De tweede abt, Boudewijn van Belle, neemt reeds na korte tijd ontslag omwille van de groeiende onrust en het toenemende kabaal rond zijn abdij. De stad neemt inderdaad steeds meer uitbreiding en 
 

 


 

 

De nieuwe Sint-Niklaasabdij buiten de muren kent een periode van gestage opgang. De abten volgen mekaar op in een steeds ruimer wordend gebouwencomplex. In 1458 wordt Antoon vander Donck de eerste gemijterde abt. Ten gevolge van de nieuwe oorlogsmethodes wordt echter een ernstig euvel duidelijker: de abdij ligt veel te dicht bij de stadsmuren en blijkt een steeds groter beletsel bij de verdediging van Veurne.
 
Wanneer in 1489 de Fransen Kust-Vlaanderen binnenvallen laat de magistraat een aantal muren en bijgebouwen van de abdij slopen met nog andere bouwwerken rond de stad gelegen. Daardoor lijdt de abdij uiteraard grote schade. Maar dit is pas het begin.
 
In het jaar 1566 vangt een ellendige periode aan. Op 17 augustus plunderen de Geuzen de abdij. De abdijgemeenschap trekt binnen Veurne en gaat er wonen in haar vluchthuis.
 
Onder het calvinistisch bestuur van de stad wordt beslist alle gebouwen en bomen rond de stad te verwijderen. Naast het Zuidgasthuis en de Lazarie, twee molens en een groot aantal huizen, wordt in 14 oktober 1578 ondanks heftige protesten te Brugge ook begonnen met het slopen van de Sint-Niklaasabdij. Prelaat Robrecht du Flocq verzamelt zijn kloostergemeenschap in Sint-Omaars.
 
Na de herovering door Farnese in 1583 wordt een aanvang gemaakt met de bouw van een nieuwe Sint-Niklaasabdij binnen de Veurnse muren. Vooral de prelaten Filips van Damme, Christiaan Druve en Paul de Gomiecourt hebben daarmee de handen vol. En in het jaar 1644 wordt als bekroning van de voltooide bibliotheek en refter, een ‘nieuwen thooren’ gebouwd.

Poortgebouw van voormalige abdij

Het is de grote bloeiperiode van de abdij. Niet alleen worden leraars gevormd voor de eigen colleges te Veurne en Diksmuide, maar ook worden

anderen gestuurd om les te geven in Dowaai en Praag. 
 

 

Witheren bedienen 11 parochies in de omgeving en witte kanunnik Jacobus Clou, de toenmalige Nortertijn in het kapittel van Sint-Walburga, organiseert in 1646 zijn eerste boetprocessie in Veurne.

 

 
In december 1699 teistert een brand gedurende 48 uur de abdij. De schade wordt geraamd op dertigduizend gulden. In 1714 draagt de abdij haar college te Veurne over aan de Oratorianen. In 1753 wordt 
het college van Diksmuide door de witheren verlaten. De laatste grote 
bouwactiviteit is het optrekken van een nieuwe prelatuur door abt Matthias van Troeyen in het jaar 1767.
 
  
Voorgevel college Veurne

 

De stad Veurne wordt op 31 mei 1793 op twee huizen na, tot op het 
bot geplunderd door de sansculotten. Nog even dient de uitgeschudde 
abdij als hoofdkwartier van de hertog van York bij de belegering van  Duinkerke in september van dat jaar. Bij de opheffing telt de abdijgemeenschap 38 geprofesten. Van eind 1794 tot 1797 gebruikt de Franse bezetter de gebouwen als militair hospitaal. Daarna wordt de abdijkerk een herberg en gesloopt in 1798, zoals, op enkele na, ook alle andere abdijgebouwen.
 
 
Tekst: André Debruyne
    

 

 

Download de originele nieuwsbrief.

Nieuwsbrief 4 - 2010
22/12/2010

Gewoontegetrouw kruipt confrater Gilbert kort na de Boetprocessie in zijn pen om de ‘kroniek van de Boetprocessie’ neer te pennen. De primeur was uiteraard voor al wie op de algemene vergadering van 28 september aanwezig was. In deze nieuwsbrief nemen de integrale tekst op, zodat elk van de sodales die kan nalezen.

BEGISCHE LEGERTOP BLAAST VROEGTIJDIG DE AFTOCHT

De kalender plaatste de Boetprocessie dit jaar wel zeer vroeg, nl. op 25 juli. De Sodaliteit werd dan ook niet veel tijd gegund om in een luie zetel te genieten van het prachtige zomerweer. Ieder jaar opnieuw lijkt het alsof uitgerekend in de laatste weken voor de processie nog alles moet worden geregeld en voorbereid. Bovendien liep er ook nog in de Oude Vleeshalle tijdens de maand juli de gesmaakte tentoonstelling ‘Het Verleden Verbeeld(t) over de restauratie van de ‘staties’. Grote blikvanger op de tentoonstelling

was het relikwiekruis dat ooit nog door Jacob Clou, werd geschonken aan de Sodaliteit. Het kostbare kleinood was na drie eeuwen in verregaande staat van ontbinding en bij iedere rondgang bleven enkele stukjes hout verloren achter in de straten van Veurne. De hoogdag van Veurne startte zoals gewoonlijk met de overbrenging van het relikwiekruis naar de Sint-Walburgakerk – recent ook deftig gerestaureerd – waar kardinaal Danneels samen met de abten van Grimbergen en Bornem voorgingen in de plechtige Eucharistieviering die in het teken stond van boete en vergeving. In zijn homilie ging de kardinaal dieper in op dit thema. Op een ogenblik dat de Kerk in Vlaanderen zwaar onder vuur ligt ten gevolge van seksueel misbruik binnen de Kerk klonken zijn woorden zeer betekenisvol. Hoewel ook kardinaal Danneels door de media en het gerecht wordt geviseerd, was hij toch naar Veurne gekomen, een


 


 

gebaar dat de Sodaliteit ten zeerste heeft gewaardeerd. De processie verliep, misschien tot ergernis van de Veurnse criticasters, zo goed als vlekkeloos. De hitte van de voorbije weken had plaats gemaakt voor een ideaal processieweertje met een wat bleek zonnetje. Geen kans dus om op het strand bruin te bakken en zo zakte heel wat volk naar Veurne af. Om klokslag 15.30 u. bliezen de bazuinen de processie op gang…… Ook in de processie liep opvallend veel volk mee. De figuranten deden allen hun best om al of niet met luider stemme indruk te maken op de toeschouwers, maar ze kregen dit jaar onverwacht concurrentie van een dartel jong geitje dat wellicht zopas uit de ark van Noë was gehuppeld. Het beestje genoot zichtbaar van de Veurnse ambiance ook al was er in de straten van Veurne weinig lekkers behalve wat onkruid te vinden… De rijk uitgedoste dames van de Hosanna-groep wuifden triomfantelijk met hun palmtakken en ook de Israëlieten waren hun lange tocht door de woestijn zichtbaar goed doorgekomen. Aan hun kledij was zeker niet te merken dat ze er een zwerftocht van 40 jaren hadden opzitten. Zelfs het volk van Jeruzalem was niet voor het TV-scherm blijven zitten kijken, maar was in groot aantal naar Veurne gekomen om met eigen ogen te zien hoe Christus met zijn zwaar kruis over de Veurnse kasseien zeulde… Een paar paardenvissers uit Oostduinkerke hadden voor één dag de grijze garnalen gelaten voor wat ze waren. Gelukkig hadden deze stoere knapen hun gele oliejekkers voor een dagje geruild voor een onvervalste Romeinse soldatenuitrusting. Misschien hadden ze er toch goed aan gedaan hun netten mee te brengen, want in Veurne zwommen er die dag enkele grote garnalen rond. Niet alleen kardinaal Danneels, maar jawel, ook de ambassadeur van Zwitserland zat op de eretribune naast een glunderende burgemeester. Deze Zwitserse garnaal was niet toevallig in de Veurnse wateren verzeild geraakt. 

Een paar maanden geleden immers was het Belgisch leger bij wijze van training onverwacht het Veurnse stadhuis binnengestormd met de smoes dat het ganse gebouw deskundig moest worden uitgekamd naar bommen en ander gevaarlijk tuig omdat de Zwitserse ambassadeur een bezoek plande aan de Boetestad. De legerleiding had toch moeten weten dat het gevaarlijke wapentuig niet te vinden is in het deftige stadhuis maar in het lokaal van de Sodaliteit dat een gans arsenaal bezit aan dolken, zwaarden, goedendags en hellebaarden. De Veurnse burgervader die vooraf niet was getipt, kon er echter niet mee lachen en eiste dat defensieminister De Crem in eigen persoon naar Veurne zou komen om boete te doen. Op het laatste moment gaf de minister echter verstek. Enigszins te begrijpen… Op een moment dat Belgische troepen in Afghanistan vechten tegen Al Quaida, weet je maar nooit of een van die heethoofden zich verstopt in een boetepij om een aanslag te beramen. We hopen alleen dat de Belgische troepen niet zo vlug op de loop gaan voor een Afghaan in een burka als minister De Crem voor een boeteling in een pij. Voor Veurne ging zo een enige kans verloren om een minister in Veurne boete te laten doen… hoewel er in Brussel zeker nog meer excellenties zitten die een keertje naar Veurne zouden mogen komen boeten. Enkele weken na de Boetprocessie haalde de Boet-processie ongewild de voorpagina van zowat alle Belgische kranten toen deze blokletterden dat de afgetreden bisschop van Brugge op 25 juli stiekem uit de abdij van West-Vleteren was weggemuisd om als boeteling mee te stappen in de Boetprocessie… De prefect van de Sodaliteit werd door mensen van de radio en de pers uit zijn bed gebeld en nadat deze het valse bericht in alle toonaarden had ontkend, was de Boetprocessie al even vlug geen nieuws meer voor de gretige sensatiepers.

Veurne 07.09.2010

 

Download origineel: nieuwsbrief 4 - 2010

Derde nieuwsbrief
15/09/2010

Volg deze hyperlink om de derde nieuwsbrief van 2010 weer te geven.

Nieuwsbrief 2 (2010) - Kruis van de Sodaliteit
01/04/2010

 

Calvariekruis

Waarom de Sodaliteit zo gehecht is aan het Calvariekruis.

In 1919 schrijft E.H. Alfred Vanderheyde, directeur van de Sodaliteit: “De tijden werden slechter en wij moesten op de vlucht. Het archief dat ik eerst in den kelder verborgen had werd mij later opgestuurd naar Frankrijk van waar ik het God dank ongeschonden heb kunnen terugbrengen. Ons kruis en de kleederen der processie werden ook naar Frankrijk gestuurd en de beelden

 

 

en voorwerpen werden verborgen in het „Rattekot‟ onder het Justiciepaleis. Onze wagens echter bleven in den slag. In 1919 hebben we gelukkiglijk bijna alles kunnen terug bijeenkrijgen en de Processie is onder een machtigen toeloop van volk zeer godvruchtig uitgegaan.” In de „Geschiedenis van de Latijnsche Schoole en van het bisschoppelijk college te Veurne‟(F. Van Den Berghe) vinden we wat meer informatie over deze „verhuis‟. “Tijdens de eerste wereldoorlog, in september 1915, waren een dozijn studenten van Veurne en omgeving onder leiding van E.H. Valeer Pil naar Montluçon vertrok-ken, waar ze les konden volgen in l‟Institution St. Joseph van de paters Maristen. E.H. Pil woonde zelf in Tours.” In de boeken van de Sodaliteit vinden we de naam van Valeer Pil terug: “Het archief der Sodaliteit dat sedert lang op den dool was werd door ondergetekenden en E. H. Pil, leeraar aan ‟t college te Veurne tusschen de oude papieren der kerkfabriek van Sint-Niklaas ontdekt…” Een van de Veurnse studenten daar was de jonge Alberic Vandenberghe van „het Pannenhof van Leisele‟.


„Bric‟ of „monsieur Van-dèn-bèrge‟ was een pientere knaap die in de klas tussen de Franstalige leerlingen meer dan eens „l'honneur de la Belgique‟ moest redden. „Brikken richtte zich op in zijn volle lengte, glimlachte achter zijn mooie neusknijper zonder boorden en gaf dan rustig het perfecte antwoord‟. In september 1919 waren alle studenten uit Montluçon weer thuis.”

Mogen we uit deze bronnen besluiten dat het Calvariekruis tijdens de eerste wereldoorlog in de kelder van het Justitiepaleis van Tours was ondergebracht?

We vernemen opnieuw iets over het Calvarie-kruis in 1941.

„Toch gaat het jaarlijksche veertigurengebed door in de Sint Niklaaskerk die de hoogst noodzakelijke herstellingen heeft ondergaan en in september 1940 weer in gebruik is genomen voor de goddelijke diensten. Het hoogaltaar is overheerlijk. Het Allerheiligste prijkt in een zilveren rusttroon, omgeven van zilveren kandelaars en geurende bloemen. Een overvloedig kaarslicht doet het zilver en vereguldsel schitterglanzen. Kostelijke behangsels bekleedden koor en altaar. Het herstelde en sierlijk opgefrischte kruis der Sodaliteit staat links in het koor, omgeven van palmbomen.‟

In 1952 besliste de Sodaliteit dat het kruis der Sodaliteit mocht worden hersteld. Twee jaren later stelde sodalis Leune in de algemene vergadering voor om het Kruis der Sodaliteit dat berust in de Sint-Niklaaskerk opnieuw door een glasraam te beschermen. Het bestuur vond dat deze kosten overbodig waren, maar in maart 1982 gingen dieven aan de haal met de beeldjes van Sint-Jan en O.L. Vrouw. De nis werd beveiligd met extra traliewerk, maar toch slaagde een gerenommeerde kerk-dief erin in het ivoren(?) Mariabeeldje dat achter glas in een kleine nis in het Calvarie-kruis stak, te roven. De onverbeterlijke dief heeft bekend, maar het beeldje blijft zoek. In 2009 wordt het Calvariekruis met overheidssteun deskundig gerestaureerd door het bedrijf Richardson-Weissenborn uit Gent-brugge. Het kostenplaatje bedraagt €10 230 , maar het gerestaureerde Kruis zal ongetwijfeld in de Boetprocessie van 2010 schitteren als in….. 1640.

Met dank aan sodalis André Debruyne



G. Vanlerberghe 
prefect

Bekijk originele nieuwsbrief.